Stereotiepen

Wat hebben Blackface, een Karnavalpraalwagen in Aalst en Mohammed-cartoons met elkaar gemeen? Dat een gemeenschap of groep het morele recht heeft protest aan te tekenen tegen de manier waarop ze in het openbaar afgebeeld wordt wanneer dat als kwetsend en beledigend wordt ervaren. Er zijn grenzen aan de vrije meningsuiting op basis van de menselijkheid.

Op zijn minst hebben de mensen die zich geviseerd voelen, het recht hiertegen te protesteren, en dat is wat ook gebeurt. In de Verenigde Staten is er al jaren in Hollywood en overal elders een stroming in de burgerrechtenemancipatie die de nadruk op het belang van beeldvorming vestigt, om een land met gelijke kansen te scheppen.

Met Blackface bedoel ik de beweging die in de Angelsaksische wereld wil verhinderen dat zwarten in de amusementsindustrie op een stereotiepe manier worden afgebeeld, wat een uitloper heeft in de zwartepietdiscussie in Nederland en ook een beetje in Vlaanderen. Moeten we het leuk blijven vinden dat spelers zich zwart verven om een beeld van de Afrikaan neer te zetten, dat de aanwezige Afrikanen alleen maar als storend en onaangenaam kunnen ervaren?

De Aalsterse praalwagen beeldden Joden af op een karikaturale manier die een beetje historisch bewuste persoon onmiddellijk doet denken aan de Kristallnacht van 9 op 10 november 1938, waarbij in heel Duitsland allerlei Joodse doelwitten het moesten ontgelden. Om van de Holocaust te zwijgen. Daar valt niet mee te lachen. Dat moet je niet doen, die pijnlijke geschiedenis zo door het slijk halen.

We lachen iemand in een rolstoel toch ook niet uit? Iedereen voelt toch aan dat er grenzen zijn voorbij dewelke het niet meer grappig blijft. Als je iets doet in de media of de amusementsindustrie zou je dat toch moeten weten? Ook de moslims zijn vaak kop van jut en zien zich blootgesteld aan stereotiepe beeldvorming en haatpraat alom, maar laten we het deze keer vooral over de beelden hebben.

Foto: Bron: https://jonet.nl/carnaval-in-aalst-pakt-uit-met-stereotypen-over-joden-op-praalwagen/