Een hol gelach in het klooster

6 maart 2020

Een hol gelach in het klooster

Als U verzoekt de pen als wapen aan te grijpen,

Zo scherp gesteld als onscherp naverteld, ik mocht

Uw drift polijsten. Naarstig zij dan ook gezocht

Naar middelen om ruw talent wat bij te slijpen,

 

En wat nog te veel uitsteekt er weer af te knijpen.

Dan kan het nog wat worden met wat mest en vocht,

Vermeerderd met wat Goddelijke ademtocht,

En tijd, want ach hoe lang moet jij niet liggen rijpen!

 

Bij dit vertoon heeft zich de Grootinquisiteur,

Zich kostelijk ten koste van je werk vermaakt,

Gelachen de zedenbrigade-inspecteur,

 

En Zuster Margarine tanden uitgebraakt.

En zij lag in een deuk in een urinegeur,

En menigeen die dag heeft schaterlach geslaakt.

 

1 Reactie

  1. Chris Coolsma

    Overpeinzing (een Liechtensteiner)

    Wat is het toch met dat sonnet
    dat zoveel dichters heeft verleid
    om voor de roem of voor hun meid
    gesnoerd in het bekend corset

    van vorm en ritme, keurig net
    te dichten? Wat een zee van tijd
    raakten zij daarmee altijd kwijt.
    Dus vraag je: waarom doe jij het?

    Met deze vraag weet ik wel raad:
    ik doe het louter voor de lol,
    van mijn sonnetjes schoot nog niemand vol.

    Zolang ik niemand ermee schaad
    En soms een grim- of glimlach vang
    Is dit mijn vonnis: schrijven, levenslang!

    Antwoord

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Ook interessant?

Aimé Desimpel

Aimé Desimpel

Aimé Desimpel De beuk moet in de illegale weekendhuizen! Maar overeind staat zonevreemde stoeterij. De heren eten in...

Eén april

Eén april

Eén april Nu ook al in de ochtendkrant sonnetten staan, En Bancontact bedienden voor het scherm opstelt, Die oudjes...

Brinken

Brinken

Brinken In Groningen bestaan ze nog de dodenakkers. Of oer-Keltische hoopjes stapels laag op laag, Uit vroeger tijden...