Brulpaus

9 maart 2020

Brulpaus

“Waar is de brulpaus? Zoek hem! Vind hem! Ga hem halen!

Roep excommunicatie en het interdict

Uit, dat de ketter zich in zijn ontbijt verslikt;

Hits op een koor van grofgebekte kardinalen,

 

En laat uit het Latijn de profetie vertalen.

Het anathema zij beknopt en welgemikt,

De toepassing ervan zij nauwgezet en strikt.”

Zo huilt de schreeuwprelaat onfeilbaar in zijn falen

 

Onhoorbaar, daar een noordelijke loei ontsteekt.

Een die in ongeëvenaarde scheldvertoning,

Hels vloekt en zweert en Gods geboden tegenspreekt.

 

Is het een waterschout, dijkvorst of waddenkoning?

Een geuzenveemgericht dat het verleden wreekt?

Zelfs Rome staat hier stom, want niets gaat boven Groning’.

3 Reacties

  1. Chris Coolsma

    III. Brulpaus
    Een kwelgeest in een onberispelijke woning
    Als dat niet om een rukstorm en een zweepwind smeekt

    Waar is de brulpaus? Zoek hem! Vind hem! Ga hem halen!
    Vraag excommunicatie en het interdict,
    Zodat de ketter zich in zijn ontbijt verslikt.
    Hits op een koor van goedgebekte kardinalen,

    En tolken en vertalers naar de schuttingtalen.
    Het anathema zij beknopt en welgemikt.
    De toepassing ervan zij nauwgezet en strikt.
    Zo huilt de Bacon-prent onfeilbaar in zijn falen.

    Onhoorbaar daar een noordelijke loei ontsteekt,
    Een die in ongeëvenaarde scheldvertoning,
    Hels vloekt en zweert en Gods geboden tegenspreekt.

    Een waterschout, een dijkvorst of een waddenkoning?
    Wat let ons dat het standgerecht zich op hem wreekt?
    Zelfs Rome kan niets doen want niets gaat boven Groning’

    (reactie op ‘Brulpaus’, later deel van ‘Mallaria senza fine’)

    Antwoord
  2. Chris Coolsma

    Vlaamse nachtmerrie
    In Vlaanderen breekt de pleuris uit na omverblazende boodschappen uit Nederland.
    Men roept om een nieuwe leider. Zelfs burggraven voldoen niet meer.

    In Brussel is de vierschaar diep geschokt bijeen
    en bidt verwoed onder de roetende flambouwen;
    buiten jammeren de zusters en de vrouwen,
    de kardinaal bedekt zijn oren voor ’t geween.

    De stem van ’t Noorden dringt al door de dikste steen.
    Alom zien wij de vlucht van duizenden ontrouwen,
    zij kunnen van de angst hun plas niet langer houwen
    en rennen tierend overal en nergens heen.

    Niets baat er nog en in de volgepiste straten
    weerklinkt de roep van ’t volk om Gronings intellect
    en om vervanging van de Kamers en de Staten,

    de Koning en zijn hof en de prelaten
    en kijk daar is Hij, helder, fris en goed gebekt:
    de brulpaus oet ’t Noord’n met zijn heilsoldaten.

    (reactie op ‘Brulpaus’, eerder deel geworden van ‘Mallaria senza fine’)

    Antwoord

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Ook interessant?

Aimé Desimpel

Aimé Desimpel

Aimé Desimpel De beuk moet in de illegale weekendhuizen! Maar overeind staat zonevreemde stoeterij. De heren eten in...

Eén april

Eén april

Eén april Nu ook al in de ochtendkrant sonnetten staan, En Bancontact bedienden voor het scherm opstelt, Die oudjes...

Brinken

Brinken

Brinken In Groningen bestaan ze nog de dodenakkers. Of oer-Keltische hoopjes stapels laag op laag, Uit vroeger tijden...