Brandstichting

9 juni 2020

Brandstichting

De duisternis onthult onnoembare gedachten.

Des nachts word ik een trol, een sinistere gnoom,

Kwaadaardig als de woeker van een carcinoom,

Geniepig er op uit een massa af te slachten,

 

Met drijvende kadavers in de rode grachten.

Al ben ik overdag schijnheilig en wát vroom,

Verlies ik in de avondstond mijn valse schroom,

En ga op zoek naar schedels en gestroopte vachten.

 

Dan droom ik van een koepelkerk met akoestiek,

Die ik met clandestien bezoek kom te vereren.

Neem nu pakweg de Koekelbergse Basiliek,

 

Die ik graag in een steekvlam wilde zien verkeren.

Een gasbel en een soort ontstekingsmechaniek.

Een vuurzee zal het monument geheel verteren.

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Ook interessant?

O zijt gij niet van zessen klaar?

O zijt gij niet van zessen klaar?

O zijt gij niet van zessen klaar? Niet alle dagen staat de zon op in De Morgen, Vraag het aan ex-hoofdredacteur Ludwig...

Wie heeft dit verdiend?

Wie heeft dit verdiend?

Wie heeft dit verdiend? Het Vlaamse Heir staat in het liedje immer pal, Maar soms marcheert een regiment een beetje...

Eentalig Frans

Eentalig Frans

Eentalig Frans Ach, kun je het geloven. T’rug is Georges Marnette! Hij is nog niet benoemd, maar hij maakt wel een...